zondag 14 januari 2018

Ecologie - Kringlopen en energiestromen

Verslag Woensdag 10 januari 2018

Natuurmoment: door Roel.
Titel:  van AHMAS naar eigen gewas. (= .....alles hangt met elkaar samen)
We gaan met Roel naar zijn groentetuin. Hij heeft jonge plantjes voor ons meegenomen die we moeten bestuderen. Het zijn groenbemesters, dit kun je zien doordat er kleine knolletjes aan de wortels zitten. In deze knolletjes zitten bacteriën die stikstof binden. Zo krijg je op een natuurlijke manier stikstof in de grond. Door wisselteelt heeft Roel zijn eigen stikstof kringloop in de groentetuin.



Huiswerk:
Er is maar een vraag binnen gekomen over de kringlopen
Diegenen die de footprint gemaakt hebben: Resultaten vielen erg tegen.

Kringlopen.
De volgende kringlopen worden besproken:

  • Circulatie van de oceanen
    Beweging van aarde en koud water onder en warme water boven geeft stroming
  • Voedingsstoffen
    • Stikstof
    • Fosfor
    • Kalium
    • Kalk

Bij de kringloop van voedingsstoffen spelen bacteriën een zeer belangrijke rol, omdat zij de bovenstaande elementen binden tot een oplosbaar product, zodat deze opgenomen kunnen worden door planten.

Kantelpunten
Ook wel Tipping Points genoemd gaat over de kantelpunten in ons klimaat. Het zijn momenten waarop ons klimaat in een korte tijd drastisch en onomkeerbaar kan omslaan. Een belangrijk, maar ook ingewikkeld onderwerp.
Wat gebeurt er in het ecosysteem als er een schakel tussen uit valt? Wat zijn de invloeden? Kunnen we het tegenhouden? En zo niet? Kunnen we voorspellen wat er gebeurd?

Bijzondere ecosystemen
Overgangsgebieden bijvoorbeeld tussen droog en nat of kalkarm naar kalkrijk of .vrijarm bos en zeggenmoeras.
Er zijn verschillende successiefasen van pioniers tot climaxfase. Dit hangt af van of er veel of weinig dynamiek is in een gebied.

5 minutenpraatje: door Elizabeth
We krijgen een mozaïek kunstwerk te zien. Het blijkt een uitvergroot blad te zijn waar een mineerder in huis heeft gehouden. Een klein plat rupsje die in het blad zich al etend een weg baant. Het spoor wordt steeds breder tot dat het rupsje het blad gaat verlaten en zal uitgroeien tot een klein motje. Mooi dierenspoor.


Links


Animatie klimaatverandering




zondag 17 december 2017

Vogels kijken in de Mepper hooilanden

  • Plaats:  Mepper Hooilanden
  • Thema:  Waterwild
  • Aantal deelnemers :  23, inclusief begeleiders Guido,  Jan,  Joop en Map
  • Weer:  Helder (met zon!),  temp  2C,  wind 1B

Waar zijn we geweest.
Zaterdagmorgen 16 december waren we in de Mepper hooilanden om  waterwild te bekijken. Het gebied is het begin van het beekdal Geeserstroom, dat vanaf hier tot Zwinderen loopt.  Het was tot 2006 in gebruik voor landbouw, maar was daar eigenlijk niet geschikt voor door kwel.  Nu is een  natuurgebied ontstaan van 600ha dat voor  zowel Drentse als Nederlandse begrippen een groot aaneengesloten gebied is.  Door afgraven zijn er minder meststoffen en kansen voor langzaam groeiende en zeldzame platen.  Maar daar kwamen we niet voor: het ging vandaag om de vogels..

We hebben vele soorten vogels gezien, de meeste in flinke aantallen:
  •  Eenden, 9 soorten: Wintertaling  (Geel driehoekje aan de achterkant); Pijlstaart; Wilde eend;    Slobeend; Tafeleend; Smient  (fluit);  Krakeend; Bergeend en Kuifeend
  • Zwanen:  Wilde zwaan; Kleine zwaan; Knobbelzwaan  (met rood en knobbel)
    Er was een zwaan met drie jongen (grijs aan de hals en het dek) die dit jaar nog bij de ouders blijven
  • Ganzen : Grauwe Gans  (met donker geluid); Toendra rietgans  om ze te herkennen kijk vooral naar de snavel.
  • Zeearend gepest door 2 buizerds
  • Holenduiven in bomen aan de rand.




Wat hebben we geleerd
Tellen:  Guido: begin met 10 a 15 en dan de rest  op die maat afpassen.
Herkennen in  grote groep:  1 eruit halen;  Kijken naar snavel (die volgens Frits aan de voorkant zit), vlakjes, kleuren, geluiden.

Kijken naar gedrag
Ganzen vliegen en gaan zo nu en dan drinken. Dat kan je zien als ze zich binnen vlieggroepjes losjes gedragen ( buiten de lijn vliegen, duikelen etc.):  Ze zijn nog niet op trek, want dan gaat het militair strak.
2 zwanen lieten een eend van rechts voorgaan: (Joop: als je dit 10 keer ziet heb je een regel)
Eenden eten ’s nachts en ganzen overdag (dus vliegen en zo nu en dan drinken).

Om dit goed te kunnen zien hadden we veel plezier van de verschillende vogelkijkers op statieven die waren meegenomen. Een losse verrekijker die ik bij me had is voor dit werk (rustig langere tijd  het gedrag observeren) minder geschikt.

Het was een schitterende morgen;  we waren op tijd weer terug met hier en daar koude tenen van het langdurig staan..

Roel Pepping

donderdag 14 december 2017

Ecologie en mens

Guido heet ons welkom. Heeft een mededeling over het opleidingsteam.
Het natuurmoment gaat niet door deze keer. Vorige keer hebben we het gehad over de natuur zonder de mens, nu over de natuur én de mens.

Inleiding


Wat is de mens? Je kunt hier verschillend naar kijken: De mens is deel van de natuur, maar tevens vernietiger en ook rentmeester. Ieder heeft hier zijn eigen visie op.

Mens tot 6000 voor heden: natuur, landbouw en veeteelt 

De natuur ondergaat grote veranderingen onder invloed van de mens. Grote dieren die verdwijnen, bomen die juist oprukken door branden door de mens geïnitieerd. Het ecosysteem verandert daar waar de mens komt. In Europa hebben we minder soorten dan in Amerika doordat de gebergten hier van oost naar west liggen en in Amerika van noord naar zuid. Soorten kunnen zich daar makkelijker verspreiden naar het noorden. Mens ging langzaam over op de landbouw, grond raakte uitgeput, bos werd begraasd en gekapt. De natuur past zich aan, vooral bij langdurig hetzelfde beheer door de mens. Sommige soorten gaan vooruit, andere achteruit. Grasland was erg soortenrijk. Bomen werden soms gebruikt voor vee wanneer het grasland te schraal was. Dan werden ze geknot. Sinds 1800 wordt kunstmest gebruikt. Ook ontwatering en gewasbeschermingsmiddelen worden ingezet. Veel planten kunnen daar niet tegen en verdwijnen uit het landschap.

Huiswerk

Gebruik map blok 4. Zelf lezen, een gedeelte is al eerder behandeld. Volgende keer behandelen we kringlopen. Bestudeer deze zelf en kom met vragen. Mondiale voetafdruk is huiswerk voor de volgende keer. Bereken je voetafdruk op www.voetafdruk.eu 

Denk aan het inleveren van de stageverslagen en het verslag van het natuurgebied (liefst voor 31 december 2017, maar uiterlijk 15 januari 2018) en een opzet van je educatieve eindproduct (opzet inleveren voor 31 januari 2018, concept resultaat inleveren voor 1 mei 2018, presentaties op 26 mei, 2, 9 en 16 juni). Vanaf 5 april 2018 zijn er geen cursusavonden meer, maar kun je zelf aan je educatieve eindwerkstuk werken. Geen aan voor welke doelgroep, wat je gaat maken en met wie je het educatieve werkstuk gaat maken. Je natuurgebiedverslag mag maximaal 15 pagina's bevatten. Guido stimuleert om samen te werken bij het educatieve eindwerkstuk. Er is eventueel geld beschikbaar als je een mooi product wilt maken waar je een investering bij moet doen voor je educatieve eindwerkstuk. Vraag om hulp als je vastloopt of als je feedback wilt.

Na de pauze


Vijf minutenpraatje door Angelique over de relatie tussen de mens en de natuur. Geïnspireerd door 'Deep Ecology' van Arne Naess., 'Moeder natuur naakt' geschreven door Jan Desmet.
Vervolgens gingen we in groepen uiteen met actuele onderwerpen om over door te spreken: afname aantal insecten, sparrenbos, wolf in NL, etc.

Verslag Jacobien Dijkstra

donderdag 30 november 2017

Ecologie

Woensdag 29 november 2017

We beginnen de avond met het Natuurmoment van Hennie Kroes

Zij vroeg zich onlangs tijdens het wateren van de planten af, of praten tegen planten invloed op hen heeft. Dit wordt in de volksmond nogal eens beweerd en ze was hier nieuwsgierig naar. Met humor vertelt ze dat haar eigen proef met 2 vergelijkbare tongvarens heeft uitgewezen dat degene waartegen ze praatte, groter is/langere bladeren heeft. Om dat te bewijzen heeft ze de 2 proef”konijnen” meegenomen.

Daarnaast is dit fenomeen ook wetenschappelijk onderzocht. De conclusie is  dat geluid erinderdaad voor zorgt dat planten beter groeien!
  • Het maakt niet uit wat je zegt…
  • Er is verschil tussen mannenstemmen en vrouwenstemmen. Een vrouwenstem zorgt voor een hogere opbrengst en meer groei 
  • Ook muziek is van invloed. Blijkbaar hebben planten een duidelijke voorkeur voor klassieke (rustigere) muziek dan voor rock en rap.

Ecologie

Hierna start Guido met zijn presentatie over Ecologie: de wetenschap die relaties tussen levende wezens en hun omgeving bestudeert.

Historie:
Het is een wetenschap die nog erg jong is. De eerste ecoloog Alexander Humbolt (1769 - 1859) wist, op dat moment, eigenlijk alles wat er te weten viel over de wereld qua ecologie (laatste homo universalis). Hij heeft zeer veel gereisd om alle kennis te vergaren en e.e.a. in praktijk te testen. Tevens heeft hij op papier gezet hoe de wereld in elkaar zit, o.a. de klimaatzones:

Tropisch klimaat
Het hele jaar door warm. Het hele jaar door valt er regen, of er is jaarlijks een korte droge tijd of de winters zijn droog.
Woestijnklimaat:
’s Zomers is het heet; in sommige gebieden met woestijnklimaat is het ’s winters koud; weinig regen.
Middellands-Zeeklimaat:
Warme en droge zomers, zachte en natte winters
Zeeklimaat:
Koele zomers, zachte winters. Het hele jaar door valt er regen of de winters zijn droog.
Landklimaat:
Hete zomers, koude winters. Het hele jaar door valt er regen.
Pool- of bergklimaat:
Lange koude winters, koele zomers. Het hele jaar door valt er neerslag, vaak als sneeuw.

Van groot naar klein:

  • Wij zijn totaal afhankelijk van de zon. Zonder haar geen leven op aarde.
  • Plaattectoniek bepaalt het klimaat en hoe de bodem zich ontwikkelt.
Grondwetten:
  • In de abiotische natuur wordt altijd gestreefd om alles wat gevormd is weer af te breken. Dit kan lang duren maar het streven is gelijkmaken.
  • Bij levende organismen zie je dat het omgekeerde het streven is, als dit binnen de randvoorwaarden mogelijk is. Het streven is naar steeds ingewikkelder en blijvende gemeenschappen.
Na de pauze houdt Frits Witmer zijn 5-minuten praatje over de kraanvogel:
Frits raakte geïnteresseerd in de kraanvogel toen hij in Dwingeloo kwam wonen. Op de akker naast zijn huis hoorde hij een typisch geluid. Dit 'getrompetter' bleek van de kraanvogel te komen. Deze vogel heeft de volgende kenmerken:
  • Prachtig rood kruintje
  • Grijs/Zwart
  • Prachtige lange verenstaart

Ze hebben veel rust en ruimte nodig en om te broeden bouwen ze een nest midden in een plas/moerasgebied. Ze leggen over het algemeen 1 a 2 eieren. De broedtijd is 30 dagen. De jongen zijn rood bruin en gaan direct mee voedsel zoeken (zgn nestvlieders). Eerst dichtbij en vervolgens in steeds grotere cirkels rond het nest. Kraanvogels kunnen makkelijk worden verstoord, bij nadering vanaf 150 meter tot het nest verlaten ze deze al. Indien dit een aantal keren gebeurd, zullen ze er niet terugkeren! Normaal gesproken overwintert deze vogel in Spanje en Noord-Afrika (trekvogel). Tegenwoordig zijn de omstandigheden in Nederland in o.a. Drenthe dermate gunstig voor hen dat ze ook hier overwinteren (standvogel).


Als afsluiting gaan we in groepjes van 5 uiteen om in 20 minuten te bediscussiëren wat de invloed is van de wolf op een door de groep gekozen dier in het Yellowstone National Park.


Deze conclusie wordt na 20 minuten door één van de groepsleden verwoord. Vervolgens vat Guido in het kort samen wat daadwerkelijk de invloed is geweest op de coyote, fluithaas, gaffelbok en beer.



Eindconclusie is dat de komst van de wolf in Yellowstone alleen maar voordelen heeft gehad en geen nadelen. Er is een compleet, natuurlijk en evenwichtig ecosysteem ontstaan.
Verslag Desiree Frederiks

donderdag 16 november 2017

Jeugd en natuur


De avond op 15 november begint met een tweetal mededelingen waarna Bart de presentatie verzorgt. De vraag 'Waarom is natuur zo belangrijk voor jongeren? staat centraal. Antwoorden als ontwikkeling, het voorkomen van depressiviteit, leren verwonderen, horizon verbreden, schoonheid van de natuur zien, contact maken, fysieke voordelen maar ook het contact met jezelf kunnen maken, zijn allemaal positieve bijkomstigheden van het in de natuur zijn voor kinderen en jongeren.
'Wat willen kinderen' : vooral niets moeten maar ontdekken, bewegen, spelen...zintuigen gebruiken, springen, klimmen, uitdaging... Mooi is te zien in het natuurwerk voor kinderen en jongeren hoe ze zich ontwikkelen. Er is duidelijk verschil met kinderen die nooit in de natuur komen. Het aanwezig zijn in de natuur en in contact zijn met jezelf zijn waarden die belangrijk zijn.Je wilt graag dat kinderen iets mee krijgen. De ontwikkeling van de natuur door het zelf mee te maken; kinderen het zelf laten ervaren is waar het omgaat. Ervaren is het sleutelwerk in jeugdnatuurwerk!
Ter sprake komt ook de toegankelijkheid van het gebied, 'waar wel/ waar niet ', hoever mogen ze op zichzelf de natuur in en hoever worden ze begrensd door externe regelgeving. Er is wel verandering in de zienswijze van natuurorganisaties wat de toegankelijkheid betreft; de beleving staat meer centraal zo lijkt het. Daarnaast hangt het ook erg af van wie je treft bij zo'n organisatie. Je kan niet '1 op 1' je eigen ervaringen projecteren op de kinderen nu; de belevingswereld is veranderd maar ook de wereld waarin we leven is drastisch veranderd.
Wat jij als natuurgids aanbiedt moet aansluiten bij diegene die het ontvangt.Het gaat bij kinderen dan niet zozeer om kennis overbrengen, voorkauwen, maar juist het samen ontdekken; ze zelf de ervaring op laten doen.

Afwisseling in een natuuractiviteit is belangrijk: 'Hoofd Hart Hand' is de gouden stelregel die Bart hanteert; De aandachtspanne is kort, beetje balanceren met de aanwezige kinderen en geen moeilijke woorden gebruiken. ls kinderen afhaken, dan door naar het volgende onderdeel is de stelregel.
Tips van Bart:
  • Loop altijd voor met kinderen.
  • Natuurkennis van gebied is wel belangrijk zodat je kan anticiperen; loop eerst eens alleen door het gebied zodat je wat ideeen en ingevingen kan krijgen, interessante invalshoeken tegenkomt die je mogelijk in een natuuractiviteit kan omzetten.
  • Afwisseling van activiteiten en rust/ eten-drinken, waterbeestjes vinden kinderen altijd leuk;
  • Hapklare brokjes uitleg geven en vooral niet te lang.
Er zijn veel regels in welzijnswerk; er mag niets meer fout gaan, vult Guido aan. Terwijl het juist zo leuk is als er wel iets fout gaat. Er mag weinig meer aan het toeval overgelaten worden tegenwoordig terwijl de dynamiek het juist zo leuk maakt...ook binnen het pedagogische werk is dat zo: Bart geeft een voorbeeld van een kind dat in een boom wilde klimmen..wat de onderliggende vraag oproept: Is het goed voor kinderen om te vallen?' wat natuurlijk leidt tot enige discussie in de zaal..
Voorbeelden van activiteiten met kinderen kunnen zijn ' geschiedenis naspelen' ; werken met wat er is; sporen zoeken en maken met bijv. gips
Een ander voorbeeld is laat kinderen 10 verschillende dingen uit de natuur zoeken cq 10 dode dingen. Bijkomstigheid is dat je de aanwezige ouders ook interesseert.. Dat is dus dubbel winst natuurlijk. Kortom het is de kunst een uitdagende excursie op te zetten en datgene over te brengen waar je zelf ook enthousiast van wordt.
Denk in mogelijkheden; daar gaan we zelf ook mee oefenen 2 december. Samenwerken met welzijnswerk, scouting...kan helpen om elkaar te versterken en het succes van je excursie te vergroten. Bart vertelt dat hij zelf een jeugdnatuurclub heeft georganiseerd wat tegen verwachting van anderen in heel veel aanmeldingen gaf, wat aantoont dat natuur bij jeugd echt wel leeft. De kinderen van de upper class worden wel uit zichzelf lid. De kinderen, uit de zogenaamde achterstandwijken zie je niet snel. Dat blijft een punt van aandacht...echter bestaat er wel zo'n strikte tweedeling? vraag ik me af...
Het is belangrijk om verenigingen of scholen te benaderen, zodat ook die kinderen (uit de achterstandswijken) met natuur in aanraking  komen. Observeer ook eens hoe kinderen in de natuur zich gedragen.De groep neemt jouw energie over is belangrijk om je bewust van je te zijn, zodat je je kan afstemmen, en kan 'levellen'. Ander voorbeeld is rotzooi opruimen uit de natuur en daar iets van maken, is ook goed voor samenwerking en de contacten onderling. Houd het eenvoudig, inspelen op wat er is en laat een kind zelf met vragen komen in plaats van doceren!
Workshops als vuur maken voor kinderen zijn ook super en/of zelf een potje laten koken. Voorbeeld van een droge sloot of juist over een grote sloot over laten steken. Het is wel belangrijk dat je in de gaten houdt wat er gebeurt, en veiligheid creeert met gereedschap.
Rekening houden met wat ze gewend zijn.

Presentatie van Bart over jeugdnatuurwerk sluit af met een vragenronde. Er zijn geen vragen.
Er is pauze.

Het natuurmoment van Adri.

natuur en muziek een welklinkende combinatie

 wat betekent een dierengeluid in de muziek?

Adri vertelt over zijn zangoefeningen in de natuur en merkte hierbij op dat dieren hierop reageerden hij vertelt over zijn werk als theoloog, waaronder zijn vakantie-kerkdiensten in de openlucht. het triggerde hem als in de stilte tussen de liederen vogels te horen waren.
Hij geeft een kader van de perioden in de klassieke muziek en vertelt ons dat vooral de Romantiek belangrijk was voor de natuurbeleving.
Overeenkomst tussen natuur en muziek is dat je ze beiden moet beleven. Voor veel componisten is de natuur een belangrijke bron van inspiratie Ook laat hij ons een aantal geluidsfragementen horen van muziekstukken die geinspireerd zijn door o.a de geelgors en de nachtegaal.
Een heel inspirerende presentatie!

Daarna gaan we in groepjes uiteen die elk een leeftijdscategorie uitwerken; resp.2-4 jaar, 4-6 jaar, 8 -10 jaar, 10-12 en 12+ Wat heb je nodig als je met deze groepen werkt? Op 2 december gaan deze groepjes ook een activiteit organiseren met deze leeftijdsgroepen in hun achterhoofd. Bart geeft aan dat het organisatorisch te lastig zou worden om echt met kinderen te gaan werken dus gaan we 'droog' oefenen in het Spaarbankbos. Wat zijn kenmerken die de betreffende groep onderscheidt van de andere groepen is de vraag om in de eigen groep uit te werken en te presenteren aan de hele groep nadien.
  • De groep olv Mandy begint (2-4 jaar). Liedjes zingen is een belangrijke motiveerder! De groep bij elkaar houden is ook belangrijk en zowel verzorgend als empatisch aanwezig zijn, zijn belangrijke kwaliteiten die je als begeleider moet hebben bij deze groep.
  • Daarna de groep van 4-6 jaar olv Marie-Jose. Dingen als fantasie, gekke ideeen (het pippi langkous effect'), luisteren maar ook ruimte geven aan het kind, zijn belangrijk. Het kind laat je de activiteit doen. Wees wat minder verzorgend dan bij de jongste groep en sluit aan bij de beleving van het kind.. Een kader aangeven zoals bijv. de vraag 'Wat weet je al over bijen|?' kan sturend zijn. De kinderen laat je verder aan het woord. Je hoeft niet alles van te voren in te vullen..
  • De groep van 6-8 jaar olv Joke heeft als belangrijkste kenmerken dat deze kinderen niet meer volledig op zichzelf zijn aangewezen, de motoriek al aardig ontwikkeld is, ze zelf willen ontdekken door te doen vooral, ook kunnen ze al een beetje samenwerken. Ze hebben een zeer korte aandachtspanne.
  • De groep van 8 tot 10 jaar olv Geert: goed luisteren, afstemmen, met humor, sportief . Deze groep heeft ook mogelijk meer interesse voor hun mobiel etc.. groen denken, creatief, empatisch vermogen. Moderne communicatie kun je ook inzetten zoals bijv. geo-cache..dan krijg je ze wel mee.
  • De groep van 10 tot 12 jaar olv Menno: ze kunnen zelf al heel veel, terwijl ze nog niet zo opstandig zijn als pubers, ze zijn competitief, ontdekkend, ze zijn zich veel bewuster van groepsprocessen, groepsdynamiek wordt wel belangrijk! Ze worden veel meer een individu. Zintuigen inzetten, ruiken en voelen. Ze zijn de oudste op school en voelen zich al heel groot en wijs. Inspireren, aandacht voor groepsdynamiek wat juist op deze leeftijd onstaat, ruimte en vertrouwen geven. Samen spelen en rollen verdelen. Veel minder 'oppasser' spelen. Laat ze experimenteren en uitvinden. Map vult aan dat vervelende kinderen juist een speciale rol in de groep krijgen zodat ze zich minder vervelend gaan gedragen.
    Freek Vonk als symbolisch persoon, een bioloog die veel met kinderen werkt, werd als voorbeeld aangedragen.
  • Als laatste de groep van 12+ olv Jacobien. Kenmerken bij deze groep zijn het competitieve; ze zoeken spanning, willen meedenken, ze hebben al wat voorkennis, met elkaar meelopen en erkenning krijgen zijn belangrijk in deze groep. Soms moet je ze een handje helpen om weer echt kind te zijn..zelfreflectie is voldoende aanwezig dus speel daar ook op in. Belangrijk voor de begeleider is vriendelijk en benaderbaar zijn, maar wel consequent en zelfverzekerd. Een beetje gedoseerd te werk gaan qua energie; zowel geloofwaardig blijven en betrokken, maar ook persoonlijk. Zelf meedoen met een activiteit werkt heel goed; zelf doe- en belevingsactiviteiten organiseren. Ze laten meedenken over de activiteiten.


Bart vult aan dat deze laatste groep de lastigste is. Verbondenheid met de groep krijgen is bij deze leeftijdsgroep juist heel belangrijk. Bij de oudere groepen is het sowieso belangrijk om ze zelf verantwoordelijkheid te geven.
De Superbegeleider bestaat niet. Zelfreflectie is van belang, geeft Bart aan. 'Blijf bij jezelf en durf ook fouten te maken..'Immers, je kan je eigen grenzen pas te weten komen als je soms zelf ook een grens overgaat! Er is bovendien ook nog eens verschil tussen groepen en binnen die groepen weer tussen mensen onderling, ook daar dien je natuurlijk rekening mee te houden! We sluiten af met een mededeling met betrekking tot de excursie a.s zaterdag.

Verslag: Angelique Quak

donderdag 2 november 2017

Tussenstand

Deze woensdagavond 1 novemberstond in het teken van de tussenstand. Nu we 3 blokken hebben behandeld werd de balans opgemaakt: wat heeft het opleidingsteam bereikt en wat hebben de cursisten bereikt. De avond was daarvoor in twee delen geknipt. Eerst nam Guido met ons de leerdoelen van de blokken over planten en dieren door, plus de leerdoelen die de didactische vaardigheden betreffen. Vervolgens werden de cursisten apart genomen om met hen te spreken over wat zij hadden bereikt. Natuurlijk hadden we ook nog een natuurmoment en een 5 minuten praatje, en zo was de avond al weer helemaal gevuld.

We begonnen de avond met het natuurmoment van Nelleke. Die dirigeerde ons meteen naar een paar tafels waar ze eikels had neergelegd met de opdracht om die eens fijn door te snijden. Gelukkig hadden we van te voren een mail gekregen met de opdracht een zakmes mee te nemen. De eikels bleken deels leeggegeten en in veel gevallen bewoond door een wit larfje met een rode kop. Bij beter kijken naar de eikels zelf bleken ze allemaal een of meer gaatjes in de schil te hebben. Nadat wij ons hier een tijdje over gebogen hadden nam Nelleke ons weer mee terug naar onze plaatsen waar zij ons vertelde dat de kleine witte wurmpjes larven waren van een snuitkever; de Eikelboorder. Die legt zijn eitjes in juni in de eikels. De larven eten zich in de zomer lekker rond om in de herfst weer naar buiten te kruipen. Daarna verstoppen zij zich in de grond om te overwinteren. Daar verpoppen zij ook om het volgende jaar weer eitjes te leggen in de eikels van dat jaar.





 Leuk natuurmoment waar Nelleke als positieve punt meekreeg dat het fijn was dat we eerst iets te doen kregen voor we de informatie kregen. Zo blijft die informatie langer hangen. Ook waren haar presentatievaardigheden prima in orde. Ondanks een door verkoudheid wat gebarsten stemgeluid was ze prima te verstaan. Ze had ons zonder veel moeite snel bezig met eikels snijden en ook weer snel terug op onze plaats.

Nu was Guido aan de beurt om ons mee te nemen langs alles wat wij tot nu toe behandeld hebben. Dat deed hij aan de hand van de leerdoelen die in onze lesmap staan. Ik kan hier wel alle leerdoelen gaan reproduceren, maar dan ben ik zo weer een A4 verder met typen. Makkelijker is het om de map even open te slaan.

Nadat Guido die hele lijst had doorgewerkt mochten we ook nog schieten op de opleiding. Dat wil zeggen: aangeven of we ook nog wat gemist hadden in het cursus materiaal. Sommige mensen hadden wensen om wat meer op sommige onderwerpen of diergroepen in te gaan. Het opleidingsteam snapte dat wel, maar zeiden dat de tijd te beperkt was om alles in te kunnen behandelen. Het lesmateriaal is meer bedoeld om een soort basis aan te leggen en ons te laten snuffelen aan de veelheid aan informatie en de complexiteit die de natuur ons biedt. Vervolgens is het aan de cursisten om vanuit deze basis zelf verdieping te zoeken. Er is natuurlijk een heleboel extra informatie te vinden; het internet staat er helemaal bol van.

In het tweede deel van de avond werden de cursisten om de beurt bij twee leden van het cursusteam geroepen om kort de persoonlijke voortgang te bespreken. Hoe is het met je adoptie terrein? Heb je al een stage gedaan? Heb je al een idee voor je eindopdracht? Even in 5 minuten de vinger aan de pols.
Aangezien er 6 leden van het cursusteam waren konden er dus maar 3 cursisten tegelijk “ondervraagd” worden. De rest werd beziggehouden met een opdracht om in groepjes van drie een onderwerp te bespreken. Daarvoor waren een paar papiertjes klaargelegd met een onderwerp, 6 in totaal, en een paar vragen als handvat voor het gesprek.

Tegen tienen waren we allemaal aan de beurt geweest voor een gesprek en werd de avond afgesloten met een 5 minuten praatje van Nicole. Zij had het over de wolf. Mooi actueel nu deze steeds vaker in Nederland wordt waargenomen. Vijf minuten zijn natuurlijk veel te kort  om veel te kunnen vertellen. Toch wist Nicole ons in die korte tijd aardig wat mee te geven over het herkennen van een wolf. Niet alleen het dier zelf, maar ook de sporen en uitwerpselen. De roedelopbouw, het leefgebied en het voedsel van de wolf werden ook besproken. En de invloed die de wolf op het landschap heeft.
Top voor Nicole: sluit mooi aan bij de actualiteit, mooie powerpoint presentatie.

Tip voor iedereen: De website van ARK om zulk mooi materiaal te vinden die Nicole in haar presentatie heeft gebruikt.

 Dat sloot de avond af en nadat de stoelen waren opgeruimd en alles weer op z'n plaats stond, mochten we weer naar huis.

Verslag Menno Verhoef

dinsdag 17 oktober 2017

Mini-excursies 14 oktober 2017

Emmen, zuidwestzijde Grote rietplas, door Boukje.

Het thema van Baukjes excursie is herfst.
We worden verwelkomd en krijgen een boekje uitgereikt met dieren en planten die in dit gebied voorkomen.
Het ziet er allemaal wat doods uit nu bijna alles is uitgebloeid, maar als je goed kijkt zie je bij verschillende bomen al weer nieuwe knoppen ontstaan. We pulken een knopje open en zien en voelen een wit pluizig katje.
Toch nog een paar mooi bloeiende bomen, de kardinaalsmuts en de gelderse roos.
We komen langs verschillende waters. De kleur van het water is verschillend.



De grote Rietplas is een uitgebaggerde plas, het water is er wat troebel, dit komt doordat ze zo diep gegraven hebben, dat ze ook de leemlaag hebben aangetast. De kleine leemdeeltjes dwarrelen door het water. De opgeloste leem is zo klein dat het niet neerslaat, waardoor er een grijzige zweem over het water ligt.
Bij het adoptieterrein aangekomen, vertelt Boukje enthousiast over haar terrein en waarom ze hiervoor gekozen heeft.
Het zijn twee stukken aaneengesloten land tussen de Rietplas en een ander gegraven water. Het ene stukje land wordt begraasd door koeien en schapen het andere stukje wordt ongemoeid gelaten. Wat is het effect van de begrazing? Met name op het begraasde deel wordt al het riet opgegeten door de koeien.
Het gebied kan Boukje zelf vanaf haar huis meet een bootje bereiken.
Bijzondere waarnemingen: visdiefje, ijsvogel, orchidee, slijmalg en waterzakmosdiertje.




Hardenberg, Oude Rheezerweg 3, door Jacobien.

We staan in de achtertuin waar Jacobien als meisje opgegroeid is. Het is een stuk trilveen.
Jacobien verteld over de historie van dit gebied. Lang geleden is hier veen afgegraven. Je kunt in het landschap nog de weren en ribben zien liggen. Door de afgraving ontstond er een meer waar vervolgens weer veen aan het vormen is.
Heel mooi zie je door de kleur van de vegetatie, de nattere en drogere stukken.
We mogen het gebied in om te ervaren wat trilveen is. We worden gewaarschuwd want niet overal is het trilveen even hoog, het gevaar is dat je er dan doorheen zakt.
Wat een beleving om zo te veren in de weren.


Als we erop veren borrelt de lucht uit de grond en ruiken we een vleugje zoetigheid. Het lucht uit de grond opborrelt is methaangas, dat vrijkomt bij het rotten van de plantenresten.
Er staan ook veel russen, we kennen allemaal wel pitrus, en daar lijkt het ook op, maar bij het voelen blijkt deze hol te zijn met tussenschotjes, het is veldrus. Ook zien we holpijp, waternavel en drietand. In de zomer zijn hier ook orchideeën te bewonderen.
Er zijn allerlei plannen om het gebied te veranderen.
Jacobien houdt dit goed in de gaten.



Rheeze, Rheezerweg 81a, door Tinus.

Het adoptieterrein van Tinus  bevat een zandweg, met schouwsloot een boszoom een oud hakhoutbosje en een mooi ingesloten water de Kalmoeskolk geheten.
Tinus deelt ons een formulier uit waar allemaal punten op staan die we in het gebied tegenkomen die door de mens zijn aangebracht.
Van ons wil hij weten wat wij de voor en nadelen vinden van deze punten.


Ieder schrijft het voor zich op. Op de terugreis zullen we de punten bespreken en bediscussiëren.
Aan het eind van alle punten staat een picknicktafel.
We gaan meteen zitten en genieten hier van het mooie uitzicht over het Vechtdal. Geholpen door het zonnetje weten we Tienes te overtuigen dat we de punten hier terplekke gaan bespreken.
Op de terug weg schieten we nog even een zijpad in om een blik te werpen op de Kalmoeskolk, die vroeger gebruikt is als drinkplaats voor het vee.

Wederom 3 totaal verschillende excursies. Veel gezien, veel geleerd.

Ter afsluiting  van de mini-excursies gaan we naar de Beerzer Bulten om te genieten van een lekkere pannenkoek. Leuk om te horen hoe iedereen de excursies ervaren heeft.
Weetje: Jacobien en Tinus geven hier al excursies voor de camping en hotelgasten.

Verslag Henny Hauschild