woensdag 10 mei 2017

Excursie Oude Diep

Het is tijdens deze excursie op zaterdag 6 mei de bedoeling om planten in te delen naar familie  en te benoemen. De leiding geeft aan dat, in verband met het late voorjaar, we geen keuzestress zullen ervaren. Er bloeit namelijk nog niet zoveel. In groepjes van drie gaan we op pad;

De eerste plant die opvalt, vooral vanwege de bloei is de pinksterbloem. Hij behoort tot de kruisbloemigen, bladeren verspreid en 4 kroonbladeren. Vervolgens gingen we verder met een boterbloem. Deze behoort tot de ranonkelfamilie.  5 Kroonbladeren, 2-zijdig symmetrisch. Veel meeldraden.


Om de moeilijkheidsgraad te verhogen keken we naar de grassen. Op het veld waar we  determineerden vonden we reukgras. Deze behoort tot de grassenfamilie. Heeft een holle stengel, behalve op de knopen. Enkelvormig blad met bladschede, aarpluim. Dit gras is, met de vossestaart, een van de vroegst bloeiende grassen. Omdat we hem niet snel konden determineren, raadden Guide en Joop ons aan om het gras te kauwen. Waarbij Joop bijna de hele graspol opat. Kenmerkend van het reukgras is de smaak.

We vonden nog een plant met viltig blad, geen bloemen. Met hulp kwamen we op knoopkruid. Een paars bloeiende plant die veel insecten aantrekt. Het is een plant uit de composietenfamilie.

In een droge sloot vonden we nog pitrus. Deze behoort tot de russenfamilie. Het heeft een bladloze stengel gevuld met merg. Hierover wist Bart nog te vertellen dat dit merg vroeger als lont voor olielampjes werd gebruikt. Russen zijn rolrond zonder knopen.


Na de determinatieronde gingen we even rondkijken in het gebied. We liepen een gebied in dat veel natter was en was geweest dan het eerste gebied. In een gedeelte dat vaak onder water staat (maar nu even niet, vanwege het droge voorjaar), vonden we egelsboterbloem. Dit is een moerasplantje. Kenmerkend is de bladstand. Het middelste blaadje heeft een eigen steeltje.

Ook zagen we hier bloeiende zegge. Onderaan is de bloei vrouwelijk, bovenaan zit het stuifmeel. Zeggen zijn driekantig. Als je de voet van de plant voelt, voel je duidelijk dat hij driekantig is.

Verder zagen we vossestaart. Deze heeft een echte aar en is evenals reukgras vroegbloeiend. Ook de kale jonker (een distel met een donker hart en ingesneden bladeren) en verschillende zuringsoorten.


De krulzuring en de ridderzuring. Helemaal enthousiast werden we van Veronica. De gewone veronica en veldereprijs.

Aan het eind van de excursie kregen we de opdracht in groepen van 5 of 6 per persoon een verschillende plant te bespreken. Hierover moet je een minuut of tien praten. De volgende excursie is in hetzelfde gebied.

Verslag: Hennie Kroes

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen