dinsdag 17 oktober 2017

Mini-excursies 23 september

Op een stralende zaterdag start de mini excursie van Ronny op Industrieweg 20 met een presentatie binnen. Voor Henny en mij, op de fiets lastig te vinden, waardoor we de aftrap gemist hebben. Door omstandigheden waren we allebei niet mobiel bereikbaar, maar werden dankzij Grietje op de juiste plek binnengeloodst. Na een heerlijk plakje zelfgebakken cake, gefeliciteerd Joke M.!, gingen we naar buiten, op weg naar de Ekelenberg, althans wat daarvan over is. Uit Ronnies verhaal blijkt, dat het, na het opheffen van de camping, een prachtig verwilderd terrein was. Echter, bulldozers hebben dit grondig veranderd. Via een grafheuvel bekeken we zijn terrein van een afstandje. Duidelijk werd door vegetatie zichtbaar, dat dit rechthoekig deel een zeer vochtig gebied is, ook al ligt het op een zekere hoogte. Voorheen werd hier groen afval gedumpt door de gemeente, de bodem zakt nog steeds in. Wel jammer dat we geen voet op het terrein zelf gezet hebben……….. Of misschien wel beter, als er toch iets anders gedumpt was? 

Vanuit hier liepen we terug naar de auto’s. Stomverbaasd constateren Henny en ik, dat al deze natuurliefhebbers de auto hadden gepakt. Zeker vijf van de anderen wonen in Zuidwolde, Hoogeveen of directe omgeving. Foei!

Bas legt zeer nadrukkelijk uit dat we vanaf hier, waar al die auto’s staan, met twee auto’s naar zijn verzamelplek gaan rijden. “Volg mij!”, maar zelfs met toeteren krijgt hij de derde auto(………) niet de goede kant op. Blijkt in die derde auto de begeleiding te zitten, die de excursies moet evalueren. Daar het wachten toch wat langer duurt, besluit Bas een koffiepauze in te lassen op de verzamelplek. “Met de fiets waren we veel sneller geweest”, denk ik nog.

Lopend over het ecoduct krijgen we uitleg waarom en hoe dit nieuwe stuk natuur is ingevuld. Een platgetrapte paardenbijter(libel) mag ik van Bart in mijn Petri schaaltje bewaren, gelukkig heb ik die altijd bij me op excursies, evenals loep en verrekijker. Leuk dat ook op weg naar het terrein, het Steenberger Oosterveld, allerlei sporen te vinden zijn. Zo hangt in het prikkeldraad een wit pluisje haar, duidelijk van een das. Wanneer Bas zijn uitleg begint op het terrein zelf, moet ik met spijt bekennen dat ik recentelijk op het fietspad vlakbij een slang (waarschijnlijk een gladde) heb overreden. Hij legt uit dat ze sinds kort wat meer voorkomen………..Ai!

We gaan op zoek naar sporen van dassen en gaan ook een dassenburcht bezoeken. We hebben goedkeuring om zelfs buiten de paden te lopen. Al op het pad vlakbij de ingang vinden we een uitwerpsel, dat qua vorm en inhoud van een das lijkt te zijn. Kort daarna zien we een maiskolf, waar duidelijk aan gepeuzeld is. Even verderop een latrine in aanleg, enkele kuilen in een rondje, nog niet gevuld. We staan even stil bij een afwijkend klein paadje, door de dassen zelf “aangelegd” dat naar de burcht leidt en volgen dit. Een korte instructie over hoe we ons horen te gedragen in de oren geknoopt. Maar de belofte op veel pootafdrukken van de das, kan Bas niet waarmaken. Helaas hebben de Schotse Hooglanders op de burcht rondgebanjerd en hun verse, ook riekende, sporen achtergelaten. “Gisteravond waren ze er nog!”……..Jaja

Joke neemt het verhaal vanaf hier over en leidt ons naar een Hoornaarnest. Met gepaste afstand, stom dat ik mijn allergie pilletjes niet ingenomen heb, volg ik het verhaal over deze reusachtige wespen. Een stukje honingraat trekt mij iets dichterbij. Een prachtig bouwsel, licht als papier. In een bosje doorkruisen we een groepje Hooglanders, die een powernap doen, waarbij ik me lichtelijk bezwaard voel. Tussen imposante hoorns verschuilen ogen, die ik niet durf aan te kijken, zich achter een gordijn van haar. “Wanneer zijn we er?”, vraagt ook Grietje zich af, die op tijd bij een volgende afspraak moet zijn. Mijn voeten beginnen al aardig te protesteren, die zijn geen wandelaars, vooral niet in laarzen. Bij een maisveld wordt een toelichting gegeven over de gespannen voet, waarop boeren en natuurliefhebbers leven. Dankzij Bart krijgen we ook oog voor de “ravage” die dassen aanrichten, als ze eten zoeken. Op een venig terrein, waar we een prachtig vennetje gepasseerd zijn, eindigt de presentatie. Kilometers en minstens een half uur lopen verwijderd van de auto’s. De begeleiders zijn al niet meer aanwezig. Evaluatie volgt op schrift.

\Dan de terugweg nog. Met zo’n groep natuurminners duurt het nog wel even voor we bij de auto’s zijn. Nu komen allerlei plantjes geen aandacht te kort. Gelukkig dat mijn knorrende maag op de parkeerplek een tompouce mag ontvangen, die Bart heeft achtergelaten voor ons, gefeliciteerd Bart! Samen met Henny fiets ik naar een bijzonder restaurantje in de buurt, waar we, onder het genot van een uitgebreide lunch, onze voeten even rust kunnen geven. Wij hoeven vanavond niet meer te koken!
Ja, het is afzien zo’n excursie, maar we hebben genoten!

Verslag Marian Brouwer

Geen opmerkingen:

Een reactie posten